Meer stressklachten bij vaste aanstelling

Vorige week presenteerde TNO weer een publicatie over de mate van stressklachten onder werkenden. Er is een duidelijke toename van hoge taakeisen, zoals snel moeten werken of heel veel werk moeten doen. Tegelijkertijd ervaren meer werknemers een lage autonomie. “Dit is zorgelijk, omdat deze combinatie samenhangt met werkdruk en het risico op werkstress verhoogt, wat terug te zien is in de stijging van burn-outklachten onder werknemers, van 11% in 2007 naar 16% in 2017.” aldus TNO-onderzoeker Wendela Hooftman.

Regelmogelijkheden tegen stress

Het percentage stressklachten blijkt daardoor meer voor te komen bij mensen met een vaste aanstelling en uitzendkrachten dan bij zzp-ers en mensen met een flexibele of tijdelijke werkovereenkomst. Dat betekent dat iedereen zich eigenlijk een beetje eigen baas zou moeten kunnen voelen.

Baas over eigen inzet

De kracht van “baas over eigen inzet” wordt in de arbeids- en organisatiepsychologie al heel lang erkend, we noemen dat ‘autonomie’ of nog makkelijk gezegd ‘regelmogelijkheden’. Het is al vaak bewezen dat iedereen baat heeft bij een zekere mate van vrijheid om zijn werk en leven in te richten zoals dat hem uitkomt. Bijvoorbeeld kunnen geconcentreerd kunnen werken en pauzeren op het tijdstip dat dat het meest oplevert. Andere voorbeelden zijn reizen na de files of op tijd de kinderen van school halen en dan later nog even een uurtje aan de gang. En even niet bereikbaar zijn als dat nodig is.

Wanneer mensen hun inspanningen en tijd zelf mogen indelen werken ze efficiënter en effectiever, krijgen ze meer gedaan en voelen ze zich fijner. Het is een hele goede buffer voor ontstaan van stressklachten.

Hieronder een top 10 tips om jouw regelmogelijkheden te vergroten:

  1. Denk niet te gauw dat iets niet kan
    Wanneer je mogelijkheden ziet om minder stress te ervaren is het altijd aan te raden dit met je manager of je collega’s te bespreken. Soms kan iets geregeld worden, soms ook niet. In het laatste geval is er misschien een andere oplossing of is men in ieder geval op de hoogte van waar je mee worstelt.
  2. Weet wat je prioriteiten zijn
    Je kunt pas een goede planning maken als je weet wat jouw manager en jouw klanten belangrijk vinden. Zodra je duidelijk hebt wat de meeste aandacht verdient, wordt het gemakkelijker om andere dingen minder belangrijk te maken.
  3. Een planning staat in je agenda, niet alleen op je takenlijst
    Op je takenlijst kun je oneindig blijven aanvullen. In je agenda wordt pas inzichtelijk hoe veel tijd je hebt, zodat je een reële inschatting kunt maken van wat je wel en niet doet.
  4. Accepteer dat je keuzes moeten maken in wat je aankunt
    De wereld is niet afgestemd op jouw energie, je klanten en je collega’s weten niet waar jij tijd voor hebt. Bespreek daarom geregeld wat je wel en niet kunt doen. Door verwachtingen te bespreken ben je veel beter in staat je klanten, je manager en jezelf tevreden te stemmen.
  5. Verricht de belangrijkste taken wanneer je de meeste energie hebt
    Vaak is dat in de ochtend, vóór je bent overspoeld door e-mails en vragen van collega’s en klanten. En daarna weer halverwege de middag, als de energie uit je lunch je systeem heeft bereikt. Vergaderen, mails lezen, afstemmen en bijpraten met collega’s doe je op de iets minder fitte momenten.
  6. Kies een passende werkplek
    Werk dat concentratievermogen vereist doe je in een rustige omgeving op kantoor of desnoods thuis. Kun je die plek niet regelen? Dan misschien het tijdstip. In de vroege uurtjes is zelfs de drukste kantoortuin nog goed te werken. En vergeet niet: je mag je best afzonderen, want als je dat werk gedaan hebt voel je je voldaan en heb je veel meer geduld en aandacht voor de vragen van collega’s en klanten.
  7. Doe één ding tegelijk
    Want je aandacht verplaatsten van het een naar het ander kost energie en is vaak niet nodig. Zet de telefoon uit als je live in gesprek bent, zet je email uit als je aan een taak werkt, doe de deur dicht als je je wilt concentreren.
  8. Werk afwisselend
    Je houdt de geest fris door geregeld van taak te wisselen. Nadat je computerwerk hebt gedaan, kun je beter eerst sociale contacten opzoeken, een praktisch of eenvoudig klusje doen of even bewegen.
  9. Pauzeer en voel hoeveel energie er is
    Als je energie tijdelijk op is, is het effectiever om even tijd te nemen om nieuwe energie op te doen dan om door te gaan. Zo komt er ook tijd om naast het denken dat we de hele dag doen ook te voelen. Dat is zinvol, omdat gevoelens ons ook de weg wijzen naar wat goed, slim en fijn is. Daar wordt je beter van.
  10. Manage je inspanningen en niet het resultaat
    Door te accepteren dat je niet alles in eigen hand hebt, kun je veel relaxter werken. Tevreden zijn als je een dag je best hebt gedaan, zelfs als iets niet gelukt is. Het eindresultaat hangt immers vaak van zoveel andere mensen en factoren af.